Wandelronde van Vlaanderen · Etappe 26 van 32
Hulst – Koewacht
Hulst laat je niet zomaar gaan: eerst loop je over de wallen de stad uit, langs bastions en de vos Reynaert. Daarna valt de stilte van het grensland in, met gehuchten waar smokkelverhalen aan de keukentafel kleven. Aan het eind van de dag sta je in Koewacht, een dorp waar de grens dwars doorheen loopt en niemand daar nog van opkijkt.
- Afstand
- 17,1 km
- Wandeltijd
- ±4½ u
- Start
- Hulst
- Einde
- Koewacht
Etappe 26 van 32
De etappe op de kaart
De rest van Wandelronde van Vlaanderen zie je in lichtere kleur als context.
Onderweg
Hulst noemt zichzelf graag de meest Vlaamse stad van Nederland, en wie er rondloopt snapt dat: de complete omwalling uit de Tachtigjarige Oorlog ligt er nog, met grachten en bastions volgens het Oud-Nederlands vestingstelsel. De stad duikt al op in het middeleeuwse dierenepos Van den vos Reynaerde; bij de Gentse Poort staat sinds 1938 een bronzen Reynaert in pelgrimskleren, en op de markt preekt hij doodleuk de passie voor een groepje eenden. Boven alles uit torent de Sint-Willibrordusbasiliek, die na oorlogsschade in 1944 een opvallende betonnen spits kreeg. Met dat silhouet in je rug stap je de polder in.
Voorbij de stadsrand begint het land van de kleine grens: gehuchten als Patrijzenhoek en Kijkuit, waar België soms letterlijk aan de achterdeur begint. Eeuwenlang was de grens hier geen barrière maar een verdienmodel; vooral de botersmokkel groeide na de oorlogen uit tot een tweede natuur, compleet met verklikkers en nachtelijke sluippaadjes. De naam Kijkuit klinkt in dat licht als een knipoog: uitkijken was hier levenswerk. Let onderweg op de genummerde grenspalen, stille getuigen van al dat verkeer.
Koewacht ligt in twee landen en drie gemeenten tegelijk en dankt zijn naam aan het wachten, het hoeden, van koeien. Het dorp groeide rond Fort Masereels, een schans uit 1586 waar Franse huurlingen woorden in het dialect achterlieten. Het schrijnendste hoofdstuk kwam in de Eerste Wereldoorlog, toen de Duitse bezetter de grens afsloot met de dodendraad en Nederlandse Koewachtenaren hun kerk aan de Belgische kant niet meer in konden. Kort na de oorlog bouwden ze daarom een eigen kerk, met exact dezelfde naam: Sint-Philippus en Jacobus.
-
Wallen van Hulst
Verlaat de stad over de bastions: de omwalling uit de Tachtigjarige Oorlog ligt er compleet bij. Bij de Gentse Poort zwaait Reynaert de Vos je in pelgrimskleren uit.
-
Patrijzenhoek
Een handvol huizen tussen de akkers, met de grens op fluisterafstand. Gehuchten als dit leefden eeuwenlang van het kleine grensverkeer, legaal en minder legaal.
-
Kijkuit
De naam klinkt als een smokkelaarswaarschuwing, en dat past bij deze streek: in de Eerste Wereldoorlog stond hier de dodendraad, de elektrische grensversperring van de Duitse bezetter.
-
Koewacht
Finishdorp dwars op de grens, met twee kerken die precies hetzelfde heten. Het verschil zit in de leeftijd: de Belgische toren is achttiende-eeuws, de Nederlandse kerk neogotisch van net na de Eerste Wereldoorlog.
Praktisch
Aanreis & terugreis
In deze grensstreek rijdt geen trein; tot Brugge is dit busland. Hulst is per streekbus bereikbaar, voor Koewacht zijn de verbindingen dunner: check vooraf 9292.nl (Nederland) en delijn.be (Vlaanderen). Veel wandelaars zetten een tweede auto bij de finish of regelen een taxi terug.
Eten & drinken
Sla in Hulst je lunch in; de stad heeft winkels en terrassen genoeg voor een Bourgondisch vertrek. Onderweg verkoopt niemand iets, en ook in Koewacht is het aanbod bescheiden.
Terrein
Vlak als een biljartlaken: rustige polderwegen en landbouwwegen, grotendeels verhard. Schaduw is schaars, dus denk aan zonbescherming en voldoende water.